De biografie Abu Oebaydah Aamir Ibn Al-Djarraah

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Naam: Aamir Ibn Abdellaah Ibn Al-Djarraah Al-Qorashie. Hij was een van de eerste bekeerlingen. Yazied Ibn Roemaan zei: ‘Ibn Madh’oen, Oebaydah Ibn Al-H’aarith, Abdurrahmaan Ibn Awf, Abu Salamah Ibn Abdelasad en Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah gingen naar de boodschapper van Allah. Hij nodigde hen tot de islam uit en berichtte hen over de islamitische wetten. Zij bekeerden zich tegelijkertijd tot de islam en dat was voordat de boodschapper van Allah het huis van Al-Arqam bezocht.’ Abu Oebaydah beschikte over een goed karakter en was zeer zachtzinnig en bescheiden. De boodschapper van Allah en Abu Oebaydah stammen van dezelfde voorvader – namelijk: van Fihr – af. De profeet getuigde dat hij tot de paradijs bewoners zal behoren en noemde hem de vertrouweling. Hij was ook een van de emigranten die naar Abessinië emigreerden.

Hij was degene die door Abu Bakr As-Siddieq als kalief naar voren was geschoven, toen de metgezellen na de dood van de boodschapper van Allah het kalifaatschap bespraken. Hij zei: ‘Ik vind deze twee mannen goed voor jullie: Oemar en Abu Oebaydah.’ Abu Bakr had hem voorgedragen omdat hij volgens Abu Bakr de perfecte kandidaat was. Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah heeft een paar overleveringen verhaald en heeft de bekende veldslagen bijgewoond. Al-Irbaadh Ibn Saariyah, Djaabir Ibn Abdellaah en anderen hebben op zijn gezag overleveringen overgeleverd. Hij heeft tevens één overlevering in Sahieh Moslim, één overlevering in Djaami’ (of Sunnan) At-Tirmidzie en vijftien overleveringen in de Moesnad van Baqiey Ibn Makhlad.

Zijn deugden:
Al-Boekhaarie en Moslim hebben overgeleverd op gezag van Anas Ibn Maalik dat de profeet heeft gezegd: ‘Waarlijk, elke natie heeft een vertrouweling; en de vertrouweling van deze natie is Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah.’ Hoedaifah zei: ‘Een paar mensen uit Nadjraan kwamen bij de profeet en zeiden: ‘Stuur een betrouwbare persoon met ons mee.’ Hij zei: ‘Ik zal een betrouwbare man, die echt betrouwbaar is, met jullie meesturen.’ De mensen keken vervolgens ernaar uit (d.w.z. om gestuurd te worden). Daarna stuurde hij Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah .’ [Al-Boekhaarie en Moslim] Abdurrah’maan Ibn Awf vertelde dat hij de boodschapper van Allah hoorde zeggen: ‘Aboe Bakr is in het paradijs, Oemar is in het paradijs, Uthmaan is in het paradijs, Ali is in het paradijs, Talha is in het paradijs, az-Zoebayr is in het paradijs, Abdurrah’maan Ibn Awf is in het paradijs, Sa’d Ibn Abie Waqqaas is in het paradijs, Sa’ied Ibn Zayd is in het paradijs en Abu ‘Oebaydah Ibn al-Djarraah’ is in het paradijs.’ [Ahmed, At-Tirmidzie en anderen en is doorShaykh Mohammed Nasiruddin al-Albani authentiek verklaard]

Abu Hoerayrah verhaalde dat de profeet heeft gezegd: ‘Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah is een goede persoon.’ [Ibn Sa’d] Ibn Mas’oed: ‘Ik heb drie boezemvrienden in deze natie, namelijk Abu Bakr , Oemar en Abu Oebaydah .’ [Imaam Ahmed in Fadhaa’il As-Sahaabah] Amr Ibn Al-Aas vroeg aan de profeet : ‘O boodschapper van Allah, wie van de mensen houdt u het meest?’ Hij zei: ‘Aishah.’ Hij zei: ‘En van de mannen?’ Hij zei: ‘Haar vader.’ Hij zei: ‘En daarna?’ Hij zei: ‘Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah.’ [Imaam Ahmed in Fadhaa’il As-Sahaabah] Ibn Abie Moelaykah: ‘Ik hoorde Aisha ‘Abu Bakr’ zeggen, nadat men haar gevraagd had wie de boodschapper van Allah eventueel als opvolger [1] zou hebben aangewezen, indien hij een opvolger had aangewezen. Er werd haar gevraagd: ‘En na Abu Bakr?’ Zij zei: ‘Oemar.’ Daarna werd er tegen haar gezegd: ‘En na Oemar.’ Zij zei: ‘Abu Oebaydah.’’ Vervolgens zei hij: ‘Vervolgens liet zij het daarbij.’ [Imaam Ahmed in Fadhaa’il As-Sahaabah] Oemar Ibn Al-Khattaab zei tegen de mensen die met hem zaten: ‘Doe een wens.’ Zij deden een wens waarop Oemar zei: ‘Maar ik wens een huis vol met mannen zoals Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah.’ [Ibn Sa’d].

Zijn jihad en leiderschap:
Tijdens de slag bij Badr vocht Abu Oebaydah als een leeuw. Hij vocht zo dapper dat de polytheïsten uit zijn buurt bleven, behalve één krijger. Deze krijger zocht hem veelvuldig op, maar Abu Oebaydah ontweek hem steeds. Toen deze krijger Abu Oebaydah veelvuldig opzocht, viel Abu Oebaydah hem als een leeuw aan en doodde hem. Weten jullie wie deze krijger was? Het was de vader van Abu Oebaydah . Ibn Kathier zei in zijn Tafsier: ‘Sa’ied Ibn Abdelaziez en anderen zeiden dat deze vers – [vertaling van de betekenis]: ‘Jij zult geen mensen vinden die in Allah en de Laatste Dag geloven en bevriend zijn met degenen die zich tegen Allah en Zijn boodschapper verzetten….’[Al-Moedjaadilah, vers 22] – terugslaat op Abu Oebaydah Aamir Ibn Al-Djarraah toen hij zijn vader doodde tijdens de slag bij Badr.’

Zo heeft Abu Oebaydah ons een belangrijk les geleerd in de loyaliteit jegens Allah, Zijn boodschapper en de gelovigen. Hij leerde ons dat men zich dient te distantiëren van de vijanden van Allah. Allah de Verhevene heeft gezegd [vertaling van de betekenis]: ‘Voorwaar, jullie bondengenoten zijn enkel Allah, Zijn boodschapper en degenen die geloven; zij die het gebed onderhouden en de zakat betalen, terwijl zij zich onderdanig opstellen.’ [Al-Maa’idah, vers 55]. Tijdens de slag van Uhoed heeft hij dapper gevochten. Hij was een van de metgezellen die de boodschapper van Allah beschermden, nadat de moslims waren verslagen. De polytheïsten vielen de boodschapper van Allah aan en verwondden hem . Abu Oebaydah trok toen met zijn tanden de twee ringen van de helm die door de wang van de boodschapper van Allah zijn gedrongen. Hij brak daarbij zijn twee voortanden. Daarnaast woonde hij alle veldslagen bij die de boodschapper van Allah heeft gevoerd.

Wanneer Abu Oebaydah een gewone soldaat was, leek hij op legerleider vanwege zijn kwaliteiten en dapperheid. Wanneer hij een legerleider was, leek hij op een gewone soldaat vanwege zijn bescheidenheid en oprechtheid. De profeet had hem vaker als leider aangesteld, zoals bij de expeditie toen zijn manschappen geen proviand meer hadden en honger kregen. Zij waren destijds met driehonderd man. De zee spoelde toen een grote vis aan die Al-‘Anbar werd genoemd. Abu Oebaydah zei: ‘Het is een kadaver.’ Daarna zei hij: ‘Nee, wij zijn de gezanten van de boodschapper van Allah. Eet er maar van.’ De overlevering staat in Al-Boekhaarie in Moslim.

Toen Abu Bakr As-Siddieq klaar was met de oorlogen tegen de afvalligen en tegen Musaylamah Al-Kadzaab (de Leugenaar), mobiliseerde hij verschillende legers om Ash-Shaam te veroveren. Hij stuurde Abu Oebaydah, Yazied Ibn Abie Soefiaan, Amr Ibn Al-‘Aas en Shoerahbiel Ibn H’asanah naar Ash-Shaam. Vervolgens vond de slag bij Adjnaadien plaats, in de buurt van de stad Ramla (Palestina). Het was een gigantische veldslag die de moslims hadden gewonnen. Vervolgens kreeg Abu Bakr As-Siddieq – hij was destijds de kalief – het goede nieuws te horen, terwijl hij op het sterbed lag.

Abu Bakr As-Siddieq had in het jaar 13 H. de algemene leiding over Ash-Shaam aan Abu Oebaydah gegeven. Abu Bakr had daarvoor Khaalid Ibn Al-Walied naar Irak gestuurd. Daarna stuurde hij hem naar Ash-Shaam om daar te helpen. Vervolgens gaf Abu Bakr de algemene leiding aan Khaalid Ibn Al-Walied. De moslims vielen vervolgens Damascus aan en omsingelden de stad. Tijdens de omsingeling stierf Abu Bar As-Siddieq t. Na de dood van Abu Bakr , werd Oemar tot kalief gekozen. Oemar ontsloeg Khaalid Ibn Al-Walied van zijn leidende functie en gaf de leiding aan Abu Oebaydah terug. Oemar placht te zeggen: ‘Niemand mag de leiding over Abu Oebaydah hebben.’ Nadat Abu Oebaydah het bericht te horen kreeg, verzweeg hij het een poos. Hij maakte het nieuws pas na de verovering van Damascus bekend, opdat het geen invloed op de oorlog zou hebben. Abu Oebaydah was ook de legerleider tijdens de slag bij Yarmoek, waarin Allah de Romeinse legers vernietigde.

Abu Oebaydah was een gehoorzame leider die de bevelen met oprechtheid en betrouwbaarheid uitvoerde. Abu Oebaydah Ibn Al-Djarraah nodigde de Romeinen eerst tot de islam uit, voordat hij hen bevocht. Zo ging hij persoonlijk naar de Romeinse legerleider om hem tot de islam uit te nodigen. En dit was voor de slag bij Yarmoek. Onder zijn leiding werd Bayt Al-Maqdis (Al-Qods) omsingeld, totdat zij zich overgaven.

Maalik verhaalde dat Oemar Abu Oebaydah vierhonderd of vierduizend dinar had gestuurd. Hij zei tegen zijn boodschapper: ‘Kijk wat hij ermee gaat doen.’ Hij zei: ‘Abu Oebaydah deelde het vervolgens uit.’ Daarna stuurde (Oemar) hetzelfde bedrag naar Mu’aadz Ibn Djabal. Hij zei: ‘Hij deelde het ook uit, afgezien van een klein bedrag waarvan zijn vrouw had gezegd dat ze dat nodig hadden.’ Toen de boodschapper Oemar hiervan op de hoogte had gebracht, zei hij : ‘Alle lof komt Allah toe, Degene Die ervoor heeft gezorgd dat er in de islam mensen zijn die dit doen.’ [Ibn Sa’d].
Qataadah verhaalde dat Abu Oebaydah had gezegd: ‘Ik wou dat ik een schaap was die door mijn familie wordt geslacht, waarna zij mijn vlees opeten en mijn saus opdrinken.’ [Ibn Sa’d] Taarik verhaalde dat Oemar een brief aan Abu Oebaydah stuurde tijdens de pestepidemie van ‘Amawaas. Hij schreef: ‘Ik heb iets nodig en ik kan daarbij niet om jou heen. Kom dus snel naar me toe.’ Toen Abu Oebaydah de brief las, zei hij: ‘Ik weet wat de leider der gelovigen wilt. Hij wil degene die niet onvergankelijk is in leven laten.’ Vervolgens schreef hij: ‘Ik weet wat uw behoefte is. Onthef mij van uw beslissing, want ik bevind mij tussen de moslimsoldaten. Ik heb niet de wens om mezelf te beschermen tegen datgene wat hen getroffen heeft.’ Toen Oemar de brief las, begon hij te huilen. Er werd tegen hem gezegd: ‘Is Abu Oebaydah dood?’ Hij zei: ‘Nee maar wel bijna.’ [Al-H’aakim] Taarik zei: ‘Daarna stierf Abu Oebaydah en verdween de pestepidemie.’ Er werd gezegd dat Abu Oebaydah 36 duizend soldaten had en dat er maar zesduizend man over waren gebleven. Deze pestepidemie werd aan het dorp Amawaas toegeschreven. Dit dorp ligt tussen Ramla en Bayt Al-Maqdis (in Palestina).

Saalih Ibn Abie Al-Moekhaariq: ‘Abu Oebaydah vertrok vanuit Al-Djaabiyah (Syrië) naar Bayt Al-Maqdis (Al-Qods) voor het gebed. Hij gaf Moe’aadz Ibn Djabal de leiding.’ Hij stierf onderweg bij de Fihl, in de buurt van Baysaan. Abu H’afs Al-Fallaas: ‘Abu Oebaydah stierf in het jaar 18 H. en was 58 jaar oud.’

Moge Allah tevreden zijn met deze hoogwaardige metgezel – Abu Oebaydah Aamir Ibn Abdellaah Ibn Al-Djarraah. Moge Allah tevreden zijn over alle metgezellen van de profeet . Moge Allahs salaat en salaam zijn met onze profeet Mohammed, alsook met zijn familieleden en metgezellen.


Samenvattend overgenomen van:

  • Siyar al-A’laam an-Noebalaa’ imaam Ad-Dahabie.
  • As-Sahieh Al-Moesnad Min Fadhaa’il As-Sahaabah van sheikh Mustafa Al-Adawie.
  • Fadhaa’il As-Sahaabah van Imaam Ahmed met de revisie van sheikh Wasieyoellaah Abbaas.
  • Ashaabu Ar-Rasoel van sheikh Mahmoed Al-Misrie.

[1] Vertaler: dat wil zeggen: in het leiden van de mensen.